Een Schrale Winterzon

Jingle bells 2

◊◊◊

Mijn oudste zus is een paar weken op vakantie. Ik zie haar voor me in de winterzon, blauwe luchten, een rieten ligstoel. Paardendeken over de benen vanwege de frisse ochtendwind. Ik laat weten dat ik jaloers ben.

Maar is dat zo? Als ik mijzelf in haar ligstoel verplaats, dan wel in het genot van een Neue Zürcher Zeitung. Een dubbeldik exemplaar, genoeg voor misschien wel twee leesdagen. Verkrijgbaar om de hoek. Ik zal er vandaag maar weer eens een kopen.

◊◊◊

Opkomende herinneringen. De door dikke sneeuwlagen verstilde natuur. Geur-slierten van open haardvuur. Blankhouten zolderingen, krakend gesteven lakens, opbollend donsdek. De trage gestes van het pastorale sociale leven.

◊◊◊

Sleeën trouwens, dat zou ik nog wel eens willen, met een driftig paardje en een zwijgzame koetsier op de bok. Jingle Bell, Jingle Bell, Jingle All The Way. Oh What Fun It Is To Ride, In A One-Horse Open Sleigh! De eerste en de laatste keer, een grote tocht door besneeuwde bossen en heuvels, was met mijn kinderen. Ze waren nog klein, en dus dat moet geweest zijn ergens in North Yorkshire. 

◊◊◊

Ik maak mij op voor het bijna dagelijks bezoek aan Lebkov & Sons, mijn coffeeshop. Een kleine tweehonderd meter.

Een Medium Cappuccino, alleen schuim, geen melk, en een pain au chocolat. De bediening is vertrouwd en zorgzaam. Het schuim opgeklopt tot een romige topping. Daaronder de espresso’s. Gescheiden. Bij elke slok kan ik kiezen: onder, zwart; boven, melkwit; of een nader te bepalen mengsel. Ik voel mij een man van de wereld. Ik kwam bij Lebkov & Sons in New York. The Real Ones. Herinneringen.

◊◊◊

Twee maal per dag schuift hier de schrale winterzon over het terras. Leiden ligt op de meest zonnige plek van Nederland, een minieme driehoek die ook Katwijk en Noordwijk omvat.

 ◊◊◊

De zonsverduistering die elke dag tussen twee en vier uur inzet wordt veroorzaakt door de twintig verdiepingen hoge mastodont van een van meet af aan failliete HBO-instelling, een overtild gebouw dat nooit helemaal uit de steigers is geraakt. Een opgeschoten jongeling maar nog steeds in de poepluiers. En inderdaad. Bij een stevige windvlaag komen tot op heden grote zwartglazen gevelplaten naar beneden zeilen om tenslotte met veel geraas op twee lagen steigerhout dat bezoekers bescherming moet bieden te pletter te slaan.

Aan het eind van de lente zijn die verduisteringen voorbij. De zon overwint elk jaar opnieuw het zwartglazen ongerief aan de overzijde van het terras.

◊◊◊

Lebkov & Sons ontvangt bij harde wind een toestroom van Leidse Hengelaars die, normaal gesproken, dagenlang over hun dobbertje turen in een van de Leidse grachten. Ook bij dit spektakel is het soms lang en vergeefs wachten. Ongelukzoekers.

◊◊◊

Het geeft mij een nieuw, dieper inzicht in de Ziel van deze Leienaars. Het is niet duikeling van de dobber en de uiteindelijke visvangst die het zinnelijk genot verschaft. Het is het besef van vergeefs wachten dat hier het primaire lustgevoel onderhoudt. Het lijkt mij een religieus residu uit de tijd van de Reformatie. Niet van het katholiek soort,  de lust die de vorm aanneemt van een vaak sterk onderbezet kralensnoer van instant satisfactions. Ik proef het grondsop van een calvinisme waarin het leven alleen zijn zin ontleend aan het lijdzaam verglijden van de tijd tot daar eindelijk het transcendente moment komt van de verlossing.

◊◊◊

Met wat geluk zit mijn incidentele gesprekspartner al in de trein naar Den Haag. Als oud-student en oud-redacteur van het links-liberale Financieel Dagblad heeft hij zijn exemplaar voor mij in Lebkov & Sons achtergelaten. Een vorm van mantelzorg die mij zeer behaagt. De andere klanten van Lebkov laten dit roze blad links liggen. 

Zij laten meestal ook de Volkskrant en NRC-Next onaangeroerd. Het beroeren beperkt zich tot een onafgebroken manipulatie van hun iPhone of iPad. De voortdurende betasting lijkt een existentiële bevestiging, een ritueel handelen dat de zekerheid geeft geheel bij de tijd te zijn. Tastbare zekerheid. Misschien verdween God uit Jorwerd, maar religie is alomtegenwoordig. Wachten, reposeren, en staren is uit de tijd gedrukt. Het is Nu of Nu. 

◊◊◊

De schrale winterzon valt al over een deel van het terras. Jingle Bell? Alle ingrediënten voor een pril ochtendgeluk liggen voor mij op de brede blankhouten tafel. Het ligt in een klein hoekje. 

◊◊◊