Grafschennis en hereniging

Terugbladerend in de tijd. Al jaren kom ik in mijn oudste fotoalbum, met opnamen van familieleden geboren in het begin van de 19e eeuw, die half lege pagina tegen. Een foto van Cornelis Teulings, geboren in 1818, met daarnaast zijn vrouw Gerardina. Maar Gerardina is niet meer. Haar gebeente ligt in de Sint Jacob. Haar afbeelding had hier zijn eindbestemming gevonden. Maar op deze laatste rustplaats is zij niet meer aanwezig. Dat ik haar gebeente nooit heb geroken is tot daar aan toe. Maar ik heb haar nooit in beeld gezien.

Misschien heeft die ijzersterke beenderlijm het afgelegd tegen de vraatzucht van een boekenwurm – of van zo’n volkje van zilveren glibbertjes dat ik af en toe in mijn stoffige laden aantref. Beenderlijm is smakelijk en voedzaam, dat staat vast. Er is een tijd geweest waar ik het zelf maakte. Als twaalfjarige in een boekbinderij.

Maar, als mijn stemming minder benevolent is, zie ik hierin de hand in van een ver familielid, lang verleden, lang voor mijn tijd. Een impuls, een handtasje, weg! Zoals die ekster de trouwring van mijn moeder uit de vensterbank van de keuken weggriste. 

Maar er gebeuren nog steeds kleine wonderen, en echte mirakelen. Ik ben er dol op. Zij geschieden nooit lukraak. Zelfs niet in heiligenlevens. Zij horen bij toewijding, geduld en volharding. Eigenschappen die ik in hoge mate blijk te bezitten. Niet als verdienste, maar als gift.  Een grillig DNA-knopje door ik weet niet welke voorouder overgedragen.

Vlijt. In een van mijn eigen digitale bestanden, duizenden plaatjes, vele daarvan met een je weet maar nooit idee verzameld, zoveel dat ik er de weg in ben kwijt geraakt. Maar opeens zie ik haar voor mij: Gerardina van Osch, geb. 1818. Een vrolijk vrouwtje lijkt mij, met een intense aandacht voor het vogeltje in de lens voor haar. Als ik in haar diep in de ogen kijk zie ik mijzelf. Althans dat is wat ik wil zien.

Maar zij hoort bij haar vereenzaamde echtgenoot, Cornelis Teulings, geb 1819, de ondernemende rijtuigfabrikant aan het Vuchtereind.  In 1861 reist hij af naar Londen om op de Wereldtentoonstelling  zijn nieuwe collectie rijtuigen aan het op dit punt verwende Engelse publiek te tonen.  Op initiatief van Thorbecke, die met name aan die kleine, opkomende, en te bescheiden Brabantse fabrikanten een wijder uitzicht wilde bieden.

Die foto van Cornelis zal dan ook rond 1861 gemaakt zijn. Hij was toen 42. Kennelijk een Bourgondiër. Hij komt overeen met de krantenfoto die bij die gelegenheid werd gemaakt, alleen is deze afgedrukt op een glasplaat. Ik kan hem moeiteloos vergroten zonder verval in pixel-brokjes. Hij heeft stevige bakkebaarden, Dickens-stijl, dat zal de Britse dames wel smaken. En hij toont zich oefenend in die wijdse blik van de ondernemer die op internationaal gaat.

Zijn vrouw Gerardine, die ongetwijfeld als Dien zal zijn opgeroepen heeft haar foto misschien laten maken vlak voor het huwelijk in 1840. Zij was toen 22. De foto die ik nu gevonden heb is niet afkomstig uit het album. Niet alleen vanwege de kleur en het tijdverschil, maar ook omdat alle foto’s elders in het album steeds paarsgewijs van eenzelfde fotograaf zijn. De hoffotograaf van Beurden. Die bevindt zich niet in de hofstad Den Haag, maar in Breda, de tweede hofstad van de Oranjes. Van Beurden is aangetrouwde familie. Hij nam de portretfotografie heel serieus. Zonodig had hij een garderobe met extra uitrusting beschikbaar. Met name breedgerande dameshoeden met een compleet boeket overladen vielen in de smaak.

Cornelis plaatste een ovaaltje, dus ook Dien moet die omlijsting hebben gekregen. Fotografen zijn nog beeldend kunstenaars, met een atelier waar de foto’s met de hand worden bijgewerkt. Zij oefenden gezag uit over hun klanten, ook als het lijsten ter sprake kwam. Zoals een paar dagen geleden de begrafenisondernemer die een rouwplechtigheid met strakke hand regisseerde.

Buiten alle regie om, maar toch.  Die twee echtelieden waren elkaar uit het zicht verloren. En met heb ik ze nu dan toch maar mooi weer bij elkaar gebracht. Het geeft voldoening. Vlijt en volharding, dat betekent dat ik naar voren geroepen zal worden, om van de juffrouw een nieuwe griffel in ontvangst te nemen. Zo is het ooit bij mij ingeplant denk ik. DNA alleen, daar red je het niet mee.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s